Onzichtbare voedselreuzen

Een kleine club multinationals verhandelt vrijwel al onze grondstoffen voor voedsel. Bijna niemand kent ze, maar we zijn er wel afhankelijk van. Hoe gaan ze te werk en zitten er risico’s aan deze machtsconcentratie?

door Frank Mulder & Mitchell van de Klundert

‘WIJ ZIJN HET meel in uw brood, de tarwe in uw noedels, het zout op uw friet. We zijn de maïs in uw tortilla’s, de chocola in uw dessert, de zoetstof in uw frisdrank. We zijn de olie in de saladedressing en het vlees in uw maaltijd. We zijn het katoen in uw kleren, de rug van uw tapijt en de kunstmest op uw veld.’

Het bedrijf achter deze brochuretekst maakt deel uit van een clubje vrijwel onbekende multinationals die de wereldwijde handel met grondstoffen voor de voedingsindustrie domineren. Die handel is big business. Eigenlijk is het best een beetje vreemd. De vier bedrijven hebben een gigantische omvang, maar wat hun namen zijn weet bijna niemand. Ze zorgen ervoor dat de grondstoffen dagelijks van verre akkers en via de verwerkende industrie naar ons bord worden gebracht en controleren zo bijvoorbeeld zeventig procent van de wereldwijde graanhandel. De vier zijn multinationale handelshuizen die je qua omzet zou kunnen vergelijken met complete landen. Bekende voedingsbedrijven als Unilever en Nestlé of zaadveredelaar Monsanto zijn slechts kleine broertjes. De jaaromzet van de vier handelshuizen is samen zo’n 250 miljard euro, ongeveer de helft van wat er in Nederland in één jaar verdiend wordt. Hun namen zijn adm, Bunge, Cargill en Louis Dreyfus en worden ook wel afgekort tot ‘abcd’.

Lees verder bij De Groene Amsterdammer.